23 - Erik de Zwart (Veronica | Radio 538) over commerciële radio in Nederland, 1996

Dit is een hoofdstuk uit het inmiddels niet meer te verkrijgen boek over de opkomst van commerciële omroep in Nederland en wordt als naslagwerk gekoesterd als het gaat over de periode 1985-1996 in de Nederlandse omroepgeschiedenis. Dit keer Erik de Zwart, over zijn tijd bij het publieke Veronica en de pogingen dat beter over te doen, bij Radio 538.


"De grootste tegenstander is geen commerciële concurrent, maar de publieke omroep. Die willen hun voortuintje met een hekje eromheen verdedigen, maar het is een volkstuintje voor iedereen."

 

Nog steeds wordt Erik de Zwart geassocieerd met zijn vroegere werkgever Veronica. Maar zijn omroepverleden gaat verder terug, naar illegale radio in Amsterdam en de Mi Amigo op zee. De Zwart hield het ruim tien jaar vol bij de publieke omroep, maar ging in 1992 met Lex Harding mee naar Radio 538. Het jongerenstation moest drie jaar in de marge op de kabel opereren, maar kwam via een juridische procedure in 1995 alsnog aan een FM-frequentie. Vanaf die tijd staat De Zwart aan het roer bij Radio 538. Bij het collega-station The Music Factory is De Zwart na jaren afwezigheid ook weer op de televisie te zien. Sinds het succes van Radio 538 en TMF horen we de meningen van Erik de Zwart ook weer in de pers, want het gaat goed. Eindelijk. Ondanks de tegenwerking van de overheid en vooral de publieke omroep.

 

"Radio maken heb ik als vrije vogel geleerd, eind jaren zeventig in Amsterdam. Ik kwam Ruud Hendriks op een keer tegen toen hij een programmaatje zat op te nemen voor Mi Amigo. Hij herkende mij van drive-in shows op school, en zo raakten we aan de praat. En al snel hebben we een piraat in Amsterdam opgericht: Radio Unique. Commerciële radio ja, dat blijkt al uit de naam. Met een klein zendertje vanaf een dak in Amsterdam-Zuid kon je instralen op de antennes waarop de Duitse zenders binnenkwamen. We drukten de WDR er uit en we waren op het hele Amsterdamse kabelnet te horen. En dat deden we ook op vrijdagochtend en zondagochtend op Radio 3, als er toch niks te horen was. Dat was hartstikke leuk om te doen. En het leverde nog wat op ook, want we verkochten reclames. Toen zijn Ruud en ik allebei gevraagd voor de Nederlandse versie van Radio Caroline, en daar zijn we in april 1979 naar toegegaan. We hebben maar drie keer vier weken aan boord gezeten. Daar heb ik ook Jeroen Soer leren kennen als diskjockey uit Delft. Het programma wat hij deed klonk leuk. Hij heette daar Jeroen Woelwater, want iedereen moest een schuilnaam hebben. Ik was Paul de Wit, Ruud heette Rob Hudson omdat hij ooit was geboren in de Hudsonstraat. Het avontuur op Caroline heeft niet lang geduurd, want die boot was echt levensgevaarlijk. Jeroen kon er niet slapen, zo erg was het. De boot was helemaal verrot, en er sloegen voortdurend lekken in het ruim die dan met beton werden gedicht. Ton Lathouwers was de laatste diskjockey die er bij kwam. Hij heeft het vergaan van het schip nog meegemaakt. Hij is door de Engelse kustwacht in een zware storm van boord gered.

 

De overstap

 

Daarna hebben we altijd met elkaar contact gehouden. We zijn in 1980 allemaal bij de publieke omroep gaan solliciteren, en we hebben daar de draad weer opgepakt. Ik heb gesolliciteerd bij de KRO en Veronica, en ik had de mazzel dat ik bij allebei als diskjockey kon beginnen. Ik maakte de keuze voor Lex Harding. Ruud Hendriks kwam een paar maanden later als journalist bij de actualiteitenrubriek Veronica-info. Jeroen Soer deed eerst wat drive-in shows voor Veronica, maar ging toch naar de KRO. Ton Lathouwers werd later door Ruud aangenomen bij de Hilversum 1 afdeling van Veronica. En daar hebben we een tijdje rondgelopen om te kijken hoe het werkt bij de publieken. Dat was heel anders dan op zo'n schip, waar je veel vrijer was en je eigen uren kon indelen. Dat probeerde je bij Veronica ook wel, maar er waren weinig uren om uit te zenden. Ik heb de groei heel langzaam zien gebeuren. Het verkrijgen van de B-status, wat dan werd afgekeurd, en dan moest je weer naar de rechter. De trend was dat we voor de Nederlandse overheid een gevaar voor de publieke omroep waren. Veronica moest een halt toe worden geroepen. Maar hoe meer mensen zich er tegen gaan verzetten, hoe groter het werd. Dat zie je nu ook weer bij de commerciële omroepen. Wij Nederlanders zijn nu eenmaal een recalcitrant volkje. En anders ik wel.

 

De belofte

 

Wij hebben toen wel de belofte gedaan aan elkaar om het hier in Hilversum eens op zijn kop te zetten en compleet te veranderen. En ik denk dat we die belofte zijn nagekomen. Ton zit nu bij Sky, Jeroen bij Radio 10, Ruud heeft alles al gedaan, en ik doe het toch ook niet onaardig? Het was wel leuk om bij Veronica programmaatjes te maken, maar we wisten dat het beter kon. Je kunt je er dan bij neerleggen en wachten tot je 65 bent, of je kunt proberen er wat aan te doen. En dat hebben wij toen gedaan. Begin jaren tachtig waren Paul Luyten, Ruud, Jeroen en ik betrokken bij de oprichting van Amsterdam FM. Dat was een blauwdruk voor een commercieel lokaal station. We hebben daar een mooi rapport over gemaakt en opgestuurd naar Den Haag, waar het uiteraard onderop een grote stapel terecht kwam. Een licentie hebben we nooit gekregen.

 

Ergens midden jaren tachtig was er een omroepstaking. Iemand van een vakbond had gezegd dat de publieke omroep moest staken. Of je nou werkwillend was of niet, bepaalde bereidwillige radiotechnici gooiden de boel plat. Er werden mensen ingepland die normaal nooit bij Hilversum 3 zaten, en die deden gewoon de deur voor twee uur op slot. En dan zat ik als werkwillige achter de ruit en kon ik mijn werk niet meer doen, omdat iemand anders voor mij had besloten had dat ik moest staken. Dat heb ik twee keer meegemaakt, en ik heb dat als groot onrecht beschouwd. Dat noem ik een inbreuk op mijn basisrechten als burger. Dat heeft niemand voor mij te beslissen. Toen hebben Jeroen Soer, Ton Lathouwers, Paul Luyten en ik zei de gek op een terrasje de basis gelegd voor Radio 10. Daarna kwam Peter Jelgersma erbij, maar die was iets te voortvarend. Dat gold ook een beetje voor mij, Ton en Paul, en we zijn er toen uitgestapt. Maar de oprichtingsnotulen heb ik nog thuis liggen. Jeroen is er mee doorgegaan, hij heeft zijn nek uitgestoken. Ton is wat later met Sky begonnen. Maar ik had toen geen reden om op te stappen bij Veronica, omdat het met mijn persoonlijke carrière als diskjockey en presentator bepaald niet slecht ging. Dat geef je niet zo één, twee drie op. Ik heb in die tijd nog wel eens op mijn lazer gehad van Lex, dat we ons niet met commerciële dingen moesten bezighouden. Wat dat betreft waren we al breed ingeburgerd in het publieke bestel. Dat is wel grappig natuurlijk.

 

Begin jaren negentig ging het binnen Veronica niet zo goed, helaas. Rob Out werd op een zijweg gemaneuvreerd, Lex had het debâcle met Véronique achter de rug. Toen kwam Joop van der Reijden, en dat was voor mij het startsein om te vertrekken. Ik was het wachten zat op een officieel Veronica initiatief om commercieel te gaan. In het najaar van 1991 ben ik begonnen met het schrijven van een plan voor een commercieel radiostation. Lex had ook een plan, en uit die combinatie is een businessplan gerold voor wat later Radio 538 werd. Op radiogebied had Cable One intussen voor ons de kooltjes uit het vuur gehaald en zichzelf gebrand. Radio 10 was begin jaren negentig op sterven na dood, omdat de adverteerders dachten dat het een piraat was. En Sky begon net pas een beetje te lopen. Er werd eindelijk een ondernemersklimaat geschapen voor de commerciële radio. Radio Noordzee is toen ook begonnen, en wij dus. Het was de bedoeling om 538 naast Veronica op te starten, om de gang naar de commercie voor Veronica gemakkelijker te maken. Maar het bestuur had gezegd dat Veronica definitief niet commercieel zou gaan, en dus moest Lex direct zijn spullen pakken. Twee weken later heb ik opgezegd. Dat was najaar 1992. Veronica had best wel wat vertrouwen in het plan kunnen hebben. Maar het was nou eenmaal een heikel onderwerp binnen het bedrijf. Men beschuldigde Lex en Rob privé rijker geworden te zijn van Véronique. Dat was ook wel zo, maar niet met geld van Veronica, wat wel gesuggereerd werd.

 

Het Veronica-gevoel

 

Veronica werd altijd in een hoek gestopt. Die rebelse uitstraling was noodgeboren, omdat Veronica zo veel mogelijk doodgezwegen werd. Maar die rebelse uitstraling was ook het succes van Veronica, samen met het openstaan voor allerlei nieuwe initiatieven. Met Radio 538 is het precies hetzelfde. Ze probeerden Radio 538 ook dood te zwijgen, misschien hielden we dan vanzelf een keer op. Dus werden wij ook steeds rebelser, eerder noodgedwongen dan als bewust gekozen formule. Vanaf begin jaren negentig heeft Veronica dat rebelse imago laten varen, en toen is het daar misgegaan. De laatste publieke jaren werd Veronica steeds meer een soort jonge NCRV. En nu Veronica commercieel is, wordt het langzaam maar zeker uitgekleed en opgeslobberd binnen de HMG. Het geld wat ze daar hebben opgemaakt! Ik mocht willen dat ik zo'n budget had. Geld uitgeven is het makkelijkste wat er is. Maar wij moeten het wel eerst verdienen, dat is een ander uitgangspunt. Zij hebben een enorm budget meegekregen, maar nu moeten ze het waarmaken en ik betwijfel of dat lukt. Maar no hard feelings, want mijn Veronica-tijd is ook voorbij. Dat is een gesloten boek en staat nu in de kast.

 

De overstap II / Op eigen benen

 

In september 1992 is Lex begonnen in een kantoortje in Studio Concordia, het pand waar vroeger 'Countdown' vandaan kwam. Ik ben er in november begonnen. Twee weken later stond er een studiootje van het NOB. De verbindingen lagen er al, want Sky Radio zat al in dit pand. Sky had toen een zusje, Hitradio, met twee en een half miljoen kabelaansluitingen. De aandeelhouder van Sky, Murdoch was voor 50 procent ook de club achter dit station. Dus konden wij beginnen op die Hitradio frequentie. De eerste weken heette het ook nog gewoon Hitradio, en niet Radio 538. We hadden vanuit Veronica allerlei mensen meegenomen, die ook commercieel wilden gaan. We wisten wel dat als je een deuk in een pakje boter wilt slaan, je ook goede dj's mee moest nemen. Dan maak je het publiek duidelijk dat er iets aan de hand is. Die dj's zaten in een riante positie, dus die gaan niet zomaar weg. Wessel van Diepen ging gelijk met ons mee, die was wel in voor een avontuurtje. Will Luikinga heeft even getwijfeld, omdat hij al zo lang voor Veronica had gewerkt. Michael Pilarczyk was net begonnen bij Veronica, maar die vond het zonder ons daar niet gezellig meer. En Bart van Leeuwen was een half jaar eerder al opgestapt, en naar RTL-Radio gegaan. Ik heb hem toen nog gezegd dat hij even moest wachten, maar hij ging toch al weg bij Veronica. Gek genoeg was het Ruud Hendriks die namens RTL de overstap van Bart naar 538 tegenhield. Maar na een half jaar mocht hij ook uiteindelijk bij RTL weg. Van meet af aan heb ik ook Jeroen van Inkel er bij betrokken. Maar helaas, hij kreeg van Veronica een offer he couldn't refuse. Hoe bedoel je publieke omroep, met zulke salarissen? Maar tot op de dag van vandaag kan ik het hem niet kwalijk nemen, als het om zulke bedragen gaat.

 

De start

 

In het begin runden Michael en ik Radio 538 zo'n beetje samen, want Will en Wessel waren nog op vakantie. Ik had van zeven tot negen een programma, Michael van negen tot twaalf, Will van twaalf tot twee vanaf band, ik van twee tot vier, Michael weer van vier tot zeven, en van zeven tot tien Corné Klein. En dan startten we het non-stop systeem. Zo ging dat in het begin. Na twee maanden liep ik op mijn achterste benen. Ik was het na tien jaar publieke omroep niet meer gewend om de hele dag te werken, en ook nog allerlei organisatorische dingen te doen. Ik viel 's avonds om acht uur gewoon in slaap. Het was ontzettend leuk, maar ook vreselijk vermoeiend. We waren natuurlijk nog helemaal niks, nul. Het moest helemaal vanaf het begin van de grond getild worden. Wel een spannende tijd, hoor. Op 11 december 1992 kregen we eindelijk de vergunning van OCW. Eindelijk konden we jingles draaien van Radio 538. Na anderhalf maand kwam dan het openingsfeest, nog met Bull Verweij, de oude Veronica topman.

 

De kabelnetten

 

Daarna kwam de strijd om alle kabelnetten te overtuigen dat ze Radio 538 moesten doorgeven. Daar loop je echt op lokaal niveau tegen een muur aan. Het heeft bijvoorbeeld anderhalf jaar geduurd voordat we in Rotterdam op de kabel kwamen. Ik ben wel eens mee geweest naar zo'n lokaal overleg, net als Lex. Dat is het voordeel als je toch met nationaal gekende mensen werkt. Dat maakt het lullen toch een stuk makkelijker, dus die joker hebben we ingezet waar nodig. We hebben geen misbruik gemaakt van onze persoonsbekendheid, maar er wel gebruik van gemaakt. Als we dat niet gedaan hadden was dit station er nu niet geweest. Het geeft de mensen vertrouwen. Dat heeft ook zo gewerkt voor Ton bij Sky en Jeroen bij Radio 10. Ook zij hebben moeten knokken voor hun station.

 

Het knokken

 

Het was ook wel even wennen, hoor. Je gaat terug van een luisterdichtheid van toen nog een paar miljoen mensen naar Radio 3 naar een luisterdichtheid van amper 2 procent bij 538. De luistercijfers liegen niet, ha ha ha. Dat was wel even wennen. Ik denk dat we ons allemaal wel eens afgevraagd hebben waar we in godsnaam aan begonnen waren. Dus moet je knokken en alle zeilen bijzetten. Je moet met minimale middelen goed kunnen draaien. Dat heeft lang geduurd. Maar we hebben de poot stijf gehouden. Met iedereen is een contract voor drie jaar afgesloten, want zo'n periode moet je de opbouw van een radiostation wel geven. Natuurlijk kon Veronica goede sier blijven maken in het publieke bestel, waar ze veilig verder konden gaan. Ik zal nooit vergeten dat Allard Berends, die toen radiohoofd was bij Veronica, bij onze start een lullig boeketje stuurde van vijftien gulden met zo'n lullig kaartje eraan. 'Veel succes met het nieuwe station, maar wij zijn toch beter' stond er op. Waarop wij weer geantwoord hebben 'Jammer alleen dat jullie niet vierentwintig uur per dag uitzenden om dat dat te laten horen'. Maar in feite maakt Veronica nu hetzelfde mee als wij toen. Alleen zijn ze een tikkie te arrogant geweest en ze hebben nagetrapt naar het publieke bestel. Dat moet je niet doen, denk ik. De kritiek op het publieke bestel had ik ook al toen ik er nog deel van uitmaakte. Ik word dan wel eens voor arrogant en irritant uitgemaakt. Ik heb nu eenmaal ook aan de andere kant van de tafel gezeten, en gezien hoe de publieke omroep werkelijk werkt. Dat ware gezicht is niet correct, en ik heb daar dus niet zoveel respect voor. Af en toe zeg je dan vervelende dingen, maar dat is de enige manier om dingen wezenlijk te veranderen.

 

De tegenstander

 

En toen bleek je grootste tegenstander geen commerciële concurrent te zijn, maar de publieke omroep zelf. Die op eigenlijke en oneigenlijke gronden alle concurrentie probeerde te dwarsbomen. Ik heb de afgelopen jaren behoorlijk wat rechtszaken meegemaakt. Ik heb de argumentatie gehoord die de publieke omroepen gebruikte, en die is zeer bedenkelijk. Ik begrijp het allemaal wel. Als je een voortuintje hebt met een hekje er omheen, dan wil je dat verdedigen. Alleen is het een volkstuintje voor iedereen. Maar de publieke omroep is een macht op zichzelf geworden. Ik wil het nog geen derde macht noemen, zoals de ambtenarij wel eens genoemd wordt, maar de vierde macht is het zeker. Ik heb er gewerkt, en gezien dat het geen open organisaties zijn. Je kunt niet zo makkelijk wat zeggen als je bij de publieke omroep werkt. Het is een gesloten circuit waarin je mee doet of je valt er buiten. En als buitenstaander blijf je er met je fikken van af. Ik denk dat door de komst van de commerciële omroepen de media veel opener en vrijer zijn geworden. Je hebt nu in ieder geval de keuze, die wordt niet meer voor je gemaakt.

 

En het zotte is dat ik niet zozeer concurrentie heb met de publieke omroep qua luistercijfers, maar qua bedrijfsvoering. De luistercijfers van Radio 3 neem ik op de koop toe, want dat is geen eerlijke strijd. Zij hebben een sterke landelijk dekkende etherfrequentie, terwijl ik nog niet de helft van Nederland bereik. Maar het is natuurlijk te zot voor woorden dat ik bij commerciële deals de publieke omroep op mijn pad moet tegenkomen. En dat ik zelfs van ze moet verliezen, simpelweg omdat ze overheidssteun genieten en een betere verspreiding hebben. Mijn boosheid gaat voornamelijk over de Beatlesweek op Radio 3. Door het hele land hingen grote billboards waarin kamerbreed de komst van het nieuwe Beatle album op Radio 3 werd aangekondigd. Als je dat als commerciële omroep doet, dan ben je goed bezig. De mensen weten dat je met een bepaald winstoogmerk werkt, dus dan kan je dat doen. Maar Radio 3 overschrijdt met zo'n actie flagrant de eerste regel van de publieke omroep: Gij zult niet dienstbaar zijn aan het maken van winst door derden. Op Radio 2 is ook een Elvis Presley-week geweest, en zo zijn er veel meer voorbeelden. Op zo'n moment ben je toch bezig zendtijd beschikbaar te stellen voor platenmaatschappijen, en ik vind dat dat niet kan. De publieke omroep schiet hier niet een klein beetje, maar dubbel en dwars haar doel voorbij. Ik heb die zaak ook bij het Commissariaat voor de Media aanhangig gemaakt. Daar heb ik geen antwoord op gekregen, dus ergens zullen we wel gelijk hebben. Als je weet dat Radio 3 in staat is om negentig miljoen gulden uit de radio reclamemarkt te halen, wat ruim de helft van het totaal is, dan kun je wel stellen dat de publieke omroep met een hele grote graaiklauw in die pot zit.

 

De Nozema

 

Een ander probleem is de Nozema. Nog zo'n commerciële verstrengeling van belangen. De Nozema heeft met Seiko horloges een deal gesloten. Seiko geeft op Radio 3 zogenaamde message-watches weg. Die horloges ontvangen informatie via een zender, de zenders van Nozema. Dat noem ik dus puur commercieel opereren. En dan heb ik het nog niet eens over dat ze daarvoor ook mijn zender gebruiken, zonder dat ze het mij gevraagd hebben. Dat kan gewoon niet. We zijn verplicht zaken met de Nozema te doen, wij huren bij hen voor erg veel geld een zender. Ik moet een half miljoen gulden per jaar betalen voor doorgifte door de Nozema van mijn signaal. Dat is echt van de zotte, ik betaal een vermogen voor dat ene zendertje. Voor minder dan 3 ton koop ik op de vrije markt een 50 Kilowatt FM-zender. Met een stuk mast erbij, als het moet. En dan is die zender van jou. Maar nee, ik moet die van Nozema gebruiken. De publieke omroep is voor 40 procent aandeelhouder van de Nozema, en ze heeft een zetel in de Raad van Bestuur. Als ik dus dat half miljoen aan de Nozema betaal, spek ik indirect de kassen van de publieke omroep. En diezelfde Nozema heeft jaren geroepen dat er geen enkele frequentie vrij kon komen voor de commerciële omroep. Ja, wiens brood men eet, diens taal men spreekt. De publieke omroep heeft met de Nozema het zenderpark zorgvuldig afgedekt, door technici te vertellen dat er geen zenders bij kunnen. En dan maken ze een paar onbegrijpelijke rapporten voor de politici met een boel getalletjes erin, zodat ook de politici niet meer weten waar je het over hebt. Ik krijg wel eens de indruk dat er in ieder bureau van de Nozema gegraveerd staat 'Doe niets wat de publieke omroep onwelgevallig is'.

 

De oneigenlijke concurrentie

 

Commercieel is natuurlijk altijd een vies woord geweest in Nederland. Commerciële radio, bah! Zo'n sfeer werd er gecreëerd door de mensen die toen de media in handen hadden. Je moet eens kijken naar hoe de berichtgeving bij de publieke omroep altijd is geweest over commerciële radio en televisie. Het is uitsluitend vanuit een negatieve optiek bekeken. Terwijl de bevolking er wezenlijk anders over denkt. Ik heb me daar altijd sterk aan geërgerd. Doordat een aantal mensen de alleenheerschappij hadden over de media in dit land, hebben wij zo'n raar beeld van de commerciële omroep meegekregen. Er zijn doembeelden over ons uitgestrooid, waanideeën, satansfantasiën. Dat slijk der aarde mag toch niet over onze zieltjes worden uitgestrooid! En dan ga je naar Amerika, en dan kom je er tot je stomme verbazing achter dat de radio daar waanzinnig goed in elkaar steekt. Dat iedere zichzelf respecterende stad minstens drie verschillende praatstations heeft waar je allerlei meningen kunt horen. Er is overal nieuws te horen, alle soorten muziek, van country tot blues, jazz, klassiek, big band, echt van alles. Dan denk je: Potverdomme, wat hebben ze me al die jaren onthouden! Je hebt ook public broadcasting in Amerika. Die moet het weliswaar van giften hebben, wat ik ook niet goed vind. Je kunt als overheid wel wat doen, maar je moet niet teveel willen regelen. Dat is het probleem in Nederland, er is te veel gereguleerd.

 

De commerciële radio in Nederland moet zich kunnen ontwikkelen als een gezonde bedrijfstak met veel werkgelegenheid. Maar je concurrent geniet overheidssubsidie, en pakt daardoor een substantieel deel uit de reclamemarkt. De STER is natuurlijk een oneigenlijke vorm van concurrentie. Maar als je dat afschaft valt de basis weg van de financiering van het publieke bestel, zeggen ze dan. Nou, so what? Ik denk dat er nergens een recht te ontlenen valt waarom de publieke omroep zich zo speciaal mag noemen. Met name mensen als André van der Louw denken dat ze door God gezonden zijn, maar ik heb daar nog nooit tastbare bewijzen van gezien. Hoe moet je nou aan de burgers uitleggen dat je van twee walletjes zit te eten? In een hoop landen in de wereld wordt gedemonstreerd dat een publiek bestel prima kan bestaan naast een commercieel bestel. Maar je moet de belangen wel strikt scheiden. De BBC heeft ook geen commercials. Afschaffen dus die STER! De publieke omroep zal dan moeten afslanken, en je zult met minder mensen moeten werken. Maar dat kan, bewijzen vele andere landen. Waarom is men zo bang om de publieke omroep ter discussie te stellen? Het is goed dat het er is, maar er zijn een aantal gebieden waarmee de publieke omroepen zich niet hoeven te bemoeien, want dat wordt door anderen gedaan. Dat wat de commercieel omroep niet doet, daar moet de publieke omroep inspringen. Dan heb je tezamen een compleet beeld van de samenleving. In wezen zegt d'Ancona dat ook, maar dan 180 graden omgedraaid. Ik vind dat de aanvulling vanuit de publieke omroep moet komen, en niet vanuit de commerciële hoek.

 

Het monopolie

 

Je moet toch heel voorzichtig omgaan met radio en televisie in een vrij land als Nederland. En als de publieke omroep alle macht naar zich toe trekt, dan heb je voordat je het weet gecontroleerde media. Ik ben van mening dat van 1974 tot aan de start van Cable One in 1988 je veertien jaar lang een pure monopolie hebt gehad van de publieke omroep, wat toch bedenkelijk te noemen is. Dat werkt misbruik in de hand. En dat is het gevaarlijkste wat er in een democratisch land kan gebeuren. Dat werd weer eens duidelijk toen Sport 7 werd gelanceerd. De berichtgeving in 'Nova' was zo tendentieus, dat stelt zichzelf in dienst van de publieke omroep! Ik vind het ernstig om te constateren dat als Van der Louw even blaft Maartje van Weegen met haar hielen klikt. Maar daarover hoor je niks in de media, dus het is goed dat er ook op een andere manier berichtgeving is te zien of te horen.

 

Ik snap wel dat je zoiets niet zomaar uit handen wilt geven, maar hier zit een gemotiveerd mens om daar wat aan te doen. Het heeft namelijk niet zo veel zin meer als publieke omroep om zo door te gaan. Het is een constellatie die niet meer in deze tijd past. Het feit dat er acht verschillende omroeporganisaties zijn, met acht verschillende besturen, acht voorzitters, acht directeuren, zestien onderdirecteuren, evenzoveel gekwadrateerde onderdirecteuren, acht kantines, acht boekhoudingen, acht panden. Dat is niet bepaald efficiënt, en kost wel vreselijk veel geld. En ik denk niet dat je het tegenover de burgers kunt maken om op zo'n manier om te gaan met staatsgeld. Dat geld kun je ook in de gezondheidszorg steken of in de bejaardenzorg. Ik denk als de Nederlander moet kiezen tussen twee gulden per maand voor Sport 7 of een omroepbijdrage die in de gezondheidszorg wordt gestoken, dat ze die laatste optie kiezen. Dat is toch beter dan het in stand houden van een moloch die is ontstaan uit Hollandse sunigheid in 1925, en die door politieke groeperingen eind jaren veertig opnieuw leven is ingeblazen. Toen klopte die zuilenindeling al niet meer. Kijk, ik vind een sterke publieke omroep wel degelijk belangrijk, maar dan moet die publieke omroep zich niet door commerciële motieven laten leiden. Het is intussen meer een commercieel publieke omroep geworden.

 

De enige omroepen die zich nog publiek gedragen zijn de VPRO en de EO. De VPRO op Radio 3, zo zou Radio 3 iedere dag moeten klinken. Dat is een publieke service, want die muziek hoor je niet snel ergens anders. Kink FM van Veronica probeert het wel, maar die zitten op de kabel en dat werkt gewoon niet. Radio One in Engeland besteed veel aandacht aan de eigen cultuur en het ontdekken van nieuwe Engelse bands. Dat heeft ze luisteraars gekost, maar ze hebben wel een eigen gezicht waarmee je luisteraars trekt. Een vergelijkbare situatie is Studio Brussel in België, hoewel je daar alleen nog staatsomroep hebt, waar ik ook geen voorstander van ben. Maar die onderscheiden zich met een publieke taak. Radio 2 heeft ook geen bestaansrecht meer sinds Sky Radio en Radio 10 Gold en Radio Noordzee dat gebied veel beter coveren. Op het moment dat je als publieke omroep tegen dit soort zenders wilt concurreren schiet je volgens mij je doel geen kilometer, maar een lichtjaar voorbij. Ik heb uiteraard een zakelijk belang bij dat standpunt, dat zal ik niet ontkennen. Maar juist op zakelijk gebied kan ik nu niet eerlijk concurreren met de publieke omroep.

 

De distributie

 

Dan heb je natuurlijk nog de bevoorrechting in de distributie. Wij hebben er alle belang bij dat er meer frequenties vrijkomen voor de commerciële omroep. Nu is de verhouding 90 procent van de zenders voor de publieken tegen 10 procent voor de commerciëlen. Voor FM heeft de publieke omroep 31 hoogvermogen zenders, de commerciëlen 5 hoogvermogende zenders. Dan heb ik het nog niet over de regionale omroepen die soms met 10 tot 20 Kilowatt tot ver buiten hun provinciegrenzen zitten te tetteren. En die scheve verhouding kun je niet in stand houden, in afwachting van bijvoorbeeld een vinding als DAB. Voordat DAB bij de mensen een beetje is ingeburgerd zijn we tien jaar verder. In die tussentijd moet er iets gebeuren, en je kunt als overheid niet dat probleem voor je uit blijven schuiven. De voorgestelde verdeling van frequenties in 1997 gaat uit van de zelfde pakketjes als die er nu zijn. Dat schiet niet op natuurlijk. We zijn in de VCR bezig met een lobby voor meer frequenties. Een onafhankelijk onderzoek, dus niet door Nozema maar door TNO of een buitenlands bedrijf, moet uitsluitsel geven over hoeveel frequenties er nog vrij te maken zijn. Of de politiek dat oppakt is nog een moeilijk verhaal. Maar ik ben blij dat er een paars kabinet zit, want die willen in ieder geval nog iets voor ons doen. Als we weer een conservatieve regering hadden gehad was er nog niks gebeurd.

 

De politiek

 

De belangen van de publieke omroep zijn voor politici nog altijd belangrijk. Dat was vroeger al zo, toen alle uitgebluste politici hun pensioen konden halen bij de publieke omroep. En d'Ancona was er eentje uit de oude school, die niet beter wist dan dat de VARA de PvdA was. Het is een kwestie van politieke macht. Wie de radio en televisie controleert, of daar invloed op kan uitoefenen, die zou wel eens goed kunnen uitkomen bij de verkiezingen. En dus daarna de leuke baantjes uitdelen. Alle nobele gedachten daarbij natuurlijk niet uitsluitend, want er zijn best mensen die hun werk vanuit een bepaalde overtuiging doen. Maar ik vind het niet democratisch als je niet iedereen zijn woordje laat doen. Niet dat de commerciële radiostations het democratische gedachtengoed zo veel mogelijk uitdragen, maar er is dan wel keuze voor de luisteraar. En dat is een wezenlijk onderdeel van de democratie. Nu de commerciële stations 40 procent van de markt bespelen kan het van electoraal belang zijn. Dus nu wordt er rekening mee gehouden. Het succes van de commerciële radio bewijst dat er een behoorlijke onvrede onder de bevolking is over het gevoerde mediabeleid. Vroeger zei men: Er is toch al een popzender en een familiezender, dus waarom moeten er meer bijkomen? Maar toen d'Ancona Radio 10 Gold een middengolffrequentie gaf was de motivatie dat Radio 10 Gold een wezenlijke bijdrage leverde voor het in stand houden van de Nederlandse cultuur. Pardon? Bij Radio Noordzee kan ik me daar nog iets bij voorstellen. Maar Radio 10 Gold, de hele dag gouwe-ouwe plaatjes een bijdrage voor de Nederlandse cultuur? Ik gun Jeroen die zender van harte, want ik vind namelijk dat we allemaal een frequentie verdienen. Maar d'Ancona heeft echt geprobeerd om de boel tegen te houden, door de frequenties aan zoveel mogelijk voor de publieke omroepen ongevaarlijke zenders te geven. Dat ze dat blijft ontkennen is natuurlijk belachelijk! En Sinterklaas bestaat ook, en daar gelooft ze ook nog in. Dat is natuurlijk niet waar. Dat weet ze zelf ook wel, want ze heeft door de uitspraak van het College voor Beroeps- en Bedrijfsleven (CBB) ongelijk gekregen. Maar ja, natuurlijk blijft ze dat ontkennen. Dat is het spel.

 

De groei

 

Door de verdrukking heen is Radio 538 op de kabel sterker en groter geworden. Maar sinds de etherfrequentie is het pas echt goed gaan lopen. Wij kregen die frequentie pas in 1995, maar de aanloop gaat veel verder terug. Begin jaren negentig kregen RTL-Radio, Sky Radio en Radio 10 hele kleine etherpakketjes, bewust op een laag vermogen. In de gebieden waar ze te ontvangen waren kregen ze gelijk een hoger marktaandeel dan Radio 3. Dat gaf de potentie aan van commerciële radio. Daar moest minister d'Ancona dus iets mee doen. Zij vond toen dat de kandidaten getoetst moesten worden of ze iets aanvullends boden op de publieke omroep. Lex en ik hebben altijd geweten dat wij in 1994 geen frequentie zouden krijgen. Met zo'n Veronica verleden, rebels, tegen de gevestigde orde. Nee, voor mij was het geen verrassing dat we niks kregen. Zo is het altijd gegaan. We hebben voor Veronica de C-status, de B-status en de A-status bij de rechter moeten bevechten, en zo is er steeds gevochten.

 

De etherfrequentie

 

Een jaar na de etherfrequentieverdeling heeft het CBB de aanvullingsvoorwaarden, die d'Ancona had gesteld aan de kandidaten, van tafel geveegd. De frequentieverdeling had op een andere manier moeten plaatsvinden, en dus waren wij onrechtmatig benadeeld. Waarop Sky Radio en Radio 538 als overgeslagen partijen bij het Ministerie van Verkeer & Waterstaat (VW) aanklopten. Verkeer en Waterstaat gaan over de technische kant, dus toen er meer zenders vrijgemaakt moesten worden, is de beslissing van OCW naar VW verschoven. Sky nam het voortouw bij de procedure, en legde een hoge schadeclaim neer vanwege misgelopen inkomsten door een verplicht verblijf op de kabel. Wij zijn in de slipstream van Sky meegegaan. Sky had één juridisch hobbeltje minder omdat ze buitenlands waren. Wij werden als Nederlandse partij gediscrimineerd, en moesten nog een extra rechtszaak voeren. Wij moesten namelijk ook nog toestemming hebben van OCW, waarbij we uiteindelijk ambtelijk nog gelijk hebben gekregen. Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat zag een schadeclaim van tientallen miljoenen aankomen. Dat zal ongetwijfeld mee hebben gespeeld toen ze ons alsnog een frequentie te geven. Maar bij VW spelen ook wat minder de cultuurpolitieke motieven van OCW een rol. Toen we in de zomer van 1995 die frequentie uiteindelijk kregen, had ik wel meer het idee dat ik er echt voor geknokt had dan als ik hem in 1994 had gekregen. Met de frequenties voor Sky en Radio 538 is toch een barstje ontstaan in het bastion. Laten we hopen dat dat barstje verder gaat.

 

We hebben toen aangetoond dat het ethernetwerk niet zo gesloten is als het lijkt. Met de landsadvocaat van VW hebben we een compromis uitgewerkt, waarbij Radio Utrecht een andere frequentie kreeg, en een aantal kleinere netten van Radio 1 werden ingeruimd. Radio Utrecht heeft toen geprotesteerd, terwijl ze op hun nieuwe frequentie 100.1 met een 10 Kilowatt zender vanaf een 380 meter hoge mast nog tot voorbij Eindhoven te horen zijn. Radio Utrecht Wereldomroep dus. Zoiets gebeurd ook in Limburg, waar in Roermond een zender van 100 Kilowatt staat te tetteren, waarmee je tot Brussel en een flink eind Duitsland in te beluisteren bent, maar in het noorden van Limburg is het moeilijk te ontvangen. Trouwens, in Limburg kun je geen enkele commerciële omroep ontvangen. Het is Nederlands grondgebied, de mensen daar betalen ook belasting aan Den Haag, maar ze krijgen er weinig voor terug. Dat soort voorbeelden duiden op het feit dat Nederland een zeer inefficiënt gebruik maakt van de FM-band.

 

De zenderverdeling

 

Ik ben geen expert op het technische gebied van de zenderverdeling, maar ik weet intussen behoorlijk goed waar je wat kunt ontvangen. En ik weet wel dat ik vreselijk in de maling wordt genomen, en met mij 15 miljoen Nederlanders. Ik rijd heel wat door het land, en dan hoor ik bijvoorbeeld dat bepaalde regionale omroepen in vier provincies te horen zijn, of ik hoor Radio 1 op zeven verschillende frequenties. Hoe bedoel je, niet efficiënt? Dan denk ik, dat moet ook handiger verdeeld kunnen worden. Dit is een zware overbedeling van publieke zenders. Dat Radio 1 in het midden van het land nu wat minder goed is te ontvangen ligt aan de manier waarop ze het geluid versturen. Voor Radio 1 moet je altijd je radio harder zetten, voor Sky en Radio 538 altijd zachter. Dat komt omdat wij onze zender flink moduleren, een technische truc waarmee je geluid veel harder wordt. We hebben niks aan die zender veranderd, we doen er gewoon mee wat je er mee kunt doen. Het is de eigen schuld van Radio 1 dat ze niet overal goed te ontvangen zijn. De publieke omroep zou verplicht moeten worden om de middelen efficiënter te gebruiken. Je kunt die zender flink opvoeren, zonder dat de geluidskwaliteit van spraakradio achteruit gaat. We hebben er hele studies naar gemaakt, dat heb ik allemaal verzameld in deze map 'Strijd om de ethefrequentie'.

 

Als je toch ziet hoe het gewone FM-net in Nederland verdeeld is! Voor Radio 2, 3 en 4 zijn zeven verschillende zenders geplaatst door het hele land. Radio 1 heeft er zelfs tien op de FM, dat waren er twaalf voordat Sky Radio de 100.7 FM kreeg en wij de 103 FM. We hebben kaartjes van Nederland waarop de Nozema aangeeft hoe het FM-H net in elkaar steekt. Kijk, een behoorlijke overlap voor Radio 1. Die uitzendgebieden liggen allemaal ruim over elkaar heen, en hier zenden ze zelfs een heel stuk in het buitenland. Dat kan wel wat efficiënter verdeeld worden. Dus wij hebben ook zelf kaartjes gemaakt. Als je het FM-H net anders indeelt kun je een aantal commerciële zenders een goed pakket geven. Waarbij de publieke omroep een andere insteek heeft dan de commerciële omroep. Voor de publieken is het van belang dat ze in een weiland in Groningen ook te horen zijn, wat voor ons iets minder belangrijk is. Verstedelijkte gebieden zijn voor ons interessanter. Net als in Engeland zou een commerciële Nozema in Nederland het zenderpark in een 50/50 verhouding tussen de publieken en de commerciëlen op een efficiënte wijze kunnen verdelen. Dat kan door andere opstelplaatsen voor zendermasten te kiezen, een betere verdeling van de frequenties te maken, en de zenders met jaren negentig techniek te moduleren met processing.

 

Het vertragen

 

Dat Nederland daar zo lang mee heeft gewacht is al erg genoeg. Nederland loopt in Europees verband in sommige opzichten erg voor op anderen, maar op mediagebied loopt Nederland behoorlijk achter op buurtlanden als Engeland, Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje, Portugal. Zelfs Finland heeft het beter geregeld, terwijl dat praktisch een communistisch land was! Ook in die landen is nog een bevoorrechting van de publieke omroepen, hoor. Het is een Europees probleem, Nederland is niet uniek. Maar Nederland was nooit tot legalisering van de commerciële omroep overgegaan, als er niet in Europees verband wat geregeld werd waardoor ze wel moesten. En toen hebben ze nog geprobeerd het zo lang mogelijk te rekken. Bij de laatste verdeling van Genève in 1984 zijn de frequenties in Europa per land verdeeld. Het heeft in Nederland nog vijf jaar geduurd voordat ze met het FM-H net kwamen. Op dat moment zijn ook de commerciële radiostations hier begonnen. Daarna hebben ze drie jaar gedaan over het bouwen van het FM-H net. In 1992 wordt de discussie relevant wie er op dat FM-H net kunnen uitzenden, en dan deelt d'Ancona het net uit aan Radio 1. Want dat zou beloofd zijn, zei ze. Maar dat stond nergens. Dat is de deur dicht doen voor de commercie. Dat FM-H net staat nog steeds ter discussie. Die 10 zenders van het FM-H net zouden naar de commercie moeten gaan. Als je weer alleen maar de bestaande FM-pakketjes gaat verdelen kan ik je voorspelen wat er gaat gebeuren. Het zal tot onevenredige prijsopdrijving leiden, wat het Nederlandse initiatief ernstig zal schaden. Dan wordt het simpelweg te duur. Dan krijg je weer alleen maar rechtszaken. De overheid zou nu toch beter moeten weten, en wat geleerd moeten hebben van de vorige keer. Ze willen niet aan de publieke omroep komen, maar ik denk dat dat wel moet. De publieke omroepen moeten genoegen nemen met wat uitgekledere netten. Als het technisch gezien niet veel uitmaakt voor de luisteraar, waarom zou je dat dan niet doen?

 

De grootste

 

We hebben sinds de etherfrequentie niet echt veel veranderd aan de programmering. Die voldoet namelijk uitstekend voor onze doelgroep. In de categorie 13 tot 19 jaar zijn we het nummer 1 station. Radio 3 staat halverwege 1996 nog net boven ons, maar dat duurt niet lang meer. Bij de tieners zijn we al marktleider, in het gebied waarin we zijn te ontvangen in de ether hebben we op de tienermarkt een marktaandeel van 40 procent. Ons totale marktaandeel is gestegen van drie procent op de kabel naar zeven procent in de ether. We zijn in 45 procent van het land te ontvangen, maar als we in heel Nederland te beluisteren waren dan zouden we Radio 3 al voorbij gestreefd zijn. Dan zouden we met dertien procent marktleider zijn. Dan hou je nog genoeg ruimte over voor een niche-markt, maar we zouden onder jongeren het grootste popstation zijn. En daar gaat het toch om, dat de jongeren het liefst naar jouw station luisteren. Dat ze een band krijgen met Radio 538. Ik doe het niet voor mezelf. Thuis of in de auto luister ik naar andere muziek. Maar ik kan prima een hele dag naar Radio 538 luisteren, ik vind het heerlijk klinken. Ik ben er best tevreden mee. We lullen minder dan Radio 3 en we zijn heel duidelijk in de muziek die we draaien. Niet te wild aan de ene of de andere kant, gewoon goed opletten wat populair is onder jongeren. En ik wijs niet met het vingertje wat je wel en niet goed moet vinden, dat doen ze bij Radio 3 wel. Peter en Jeanne van de 'Breakfast Club' vertellen jou wat jij leuk moet vinden. Vergeet niet dat het gewoon vermaak is, het is entertainment. De jongeren weten drommels goed hun keuzes te maken, op het moment dat ze die keuze hebben. Het was eenoog in het land der blinden, en dat is nooit goed. Maar ja, als dingen veranderen dan moet dan nu eenmaal altijd met een kleine revolutie. Radio 538 is zo'n revolutietje geweest."

 

(c) Arjan Snijders